Verslag van de Taizéreis Amersfoort-Leusden 2026
Inmiddels mag het een traditie heten: het eerste weekend van de zomervakantie met een groep jongeren tussen de 16 en 35 jaar oud een week opgaan in het kloosterleven van Taize. De gemeenschap die bekent staat om de eenvoudige liederen in vele talen was dit jaar voor 31 gelovigen uit omgeving Amersfoort/Leusden de bestemming. Ik was één van de gelukkige reisgenoten.
Door: Frank Woudenberg
Het vertrek stond gepland op zondagochtend 19 juli om zes uur bij de Fonteinkerk. Naast onze groep stapte ook een groep uit Baarn en een groep uit Harderwijk in de bus. Vervolgens haalde we in Utrecht nog de laatste reisgenoten op en met twee tussenstops en wat file zagen we de klokkentoren van de gemeenschap om 18 uur slaan. Uitladen, welkom geheten worden, corveetaak voor de week uitkiezen, tentenkamp opbouwen, avondgebed, lekker naar bed na een vermoeiende busrit. Een uitgerust begin van de week leek mij toch beter dan de WK-finale tussen Spanje en Argentinië kijken.
Na een goede nachtrust werd ik rustig wakker in mijn tentje. Snel langs het sanitair om mij, net als vele andere, klaar te maken voor de dag voordat de klokken begonnen te luiden om aan te geven dat we richting het ochtendgebed moesten gaan. Helemaal gereed en met veel enthousiasme nam ik plaats op de harde vloer van de kerk.

Toen ik na het gebed in de rij stond voor het iconische Taizéontbijt (bestaande uit een broodje, boter met twee chocoladestaafjes, ‘thee’/chocolademelk) kreeg ik door het aantal rode shirts met vrolijke gezichten erboven al wel een sterk vermoeden welk land zich wereldkampioen voetbal mocht noemen. Op één van de vele houten bankjes werkte ik rustig het ontbijtje naar binnen en maakte mij klaar voor de Bijbelstudie. Hierbij zaten we in een vleugel van de kerk en behandelde we elke dag, onder leiding van een broeder, een tekst uit het Johannes-evangelie. Om de groep stil te krijgen zette de broeder Slavite vsi narody (Oekraïens voor Laudate omnes gentes) in waarbij de groep van ruim honderd jongeren direct meezong waarmee er een spontaan koor was ontstaan. Na een applaus voor de aanwezige jongeren uit Oekraïne verzocht de broeder ons om niet te klappen omdat er in de andere vleugels ook Bijbelstudie was. Het snel gevonden alternatief was een soort Jazz hands (al is er zeker nog wel eens applaus geweest).
Na een uur waarin ook veel gelachen werd, gingen we in groepjes op basis van leeftijd uit elkaar en voerden we een gesprek op basis van de bijbeltekst met vragen daarbij. Helaas kon het gesprek niet te lang uitlopen, want om 12:30 begon het middaggebed, gevlogd door de lunch. Om 15 uur volgde nog het baantje, met aansluitend thee. Even uitrusten, avondeten en naar het avondgebed. Na afloop nog langs bij de altijd gezellige Oyak, om later met mijn zaklamp door het donker naar de tent te lopen, waar ik een roze papiertje zag liggen…

De dinsdag begon weer hetzelfde. Alleen tijdens het ontbijt vertoonde ik voor de hele groep een fantastische kaarttruc. Niet dat ik daar goed in ben, maar dat roze papiertje van de avond daarvoor was een meal-ticket dat je moet laten zien om lunch en avondeten te halen. Met twee andere in het complot werd de vraag ‘is dit jouw kaart?’ tot twee keer succesvol uitgevoerd, voordat de rechtmatige eigenaar van het meal-ticket zijn kaartje terugkreeg.
Voor de rest verliep de dag qua programma hetzelfde als de maandag (Taizé staat ook wel een beetje bekend om het vaste dagritme). Ik besloot alleen om aan het eind van de middag de workshop over de grote keuken en het eten in Taizé. Er werd gesproken over de wonderbaarlijke spijziging die in alle 4 de evangeliën terug te vinden is, om vervolgens te laten zien hoe het wonder van het elke dag duizenden mensen van twee warme maaltijden voorzien tot stand is gekomen. Een mooie anekdote over hoe ooit de chocola van het ontbijt is vervangen voor jam waarna er een ‘kleine’ opstand kwam passeerde nog de revue. Wat vooral is bijgebleven is dat het eten in Taizé (en eigenlijk ook het schoonmaken, afval verken, kerkdiensten voorbereiden, en nog vele andere dingen) een wonder is. Niet omdat het magisch gebeurt, maar omdat we allemaal samenwerken om resultaten te halen.
’s Avonds bezocht ik nog de bijeenkomst met broeder Matthew, de overste van de broeders. Na iedereen welkom te heten en de Spanjaarden te feliciteren met het bezoek van de paus en iets anders. Daarna kwam de vragen van de jongeren, met als mooiste vraag vanuit de Oekraïense hoek. ‘Wij kunnen met onze mond wel bidden voor onze vijand, maar het lukt ons niet om dat met ons hart te bidden. Wat kunnen we hieraan doen?’ ‘Het feit dat je het met de mond kan bidden is al een teken van de Heilige Geest.’ Klonk het uit de mond van Broeder Matthew, die de het hele gesprek rustig en zoekend naar de juiste woorden sprak.
Na de bijeenkomst zocht en vond ik nog de gezelligheid bij de Oyak door middel van het dansen en zingen in een grote groep. Na al het plezier zocht ik de tent maar weer eens op.

De woensdag was een dag die voor mij volledig volgens de structuur liep. Het enige bijzondere vond plaats tijdens het baantje. Waar ik de hele week vuilniszakken opentrok om afval na te scheiden (met een leuke groep, dus met plezier), kwam woensdag de vraag of een paar sterke mannen konden helpen met het verhuizen van een tafel en een kast. De kans om een keer een kijkje te nemen in het dorpje en hoe de huizen eruit zien waar de broeders verblijven liet ik niet aan mij voorbij gaan. Maar daar zie je ook al snel dat het eigenlijk ook gewoon mensen zijn.
De donderdag was de dag waarop we als groep een broeder mochten spreken. Normaal doen we dat met een Nederlandse broeder, maar omdat er veel groepen uit Nederland waren en er maar 1 Nederlandse broeder beschikbaar was, weken we uit naar een Poolse broeder die de helft van de week in Parijs leeft en daar gevangenen bezoekt. Dat maakte ons nieuwsgierig, dus kwam we met veel vragen. Maar ook andere onderwerpen, zoals de keuze voor een celibaat leven, kwamen aan bod.
’s Avonds besloot ik na het bezoek bij de Oyak weer richting de kerk te gaan. Tot diep in de nacht blijven mensen daar om zingen en te bidden. Zonder centrale regie vulde de ruimte zich met prachtige Taizéliederen. Ontroerend.
Omdat het eigenlijk elke week in Taizé Pasen is, stond het kruis centraal tijdens het avondgebed. Voorafgaand was nog een half uur stiltegebed voor de vrede. Op het eind wordt een groot kruis voor in de kerk gelegd en krijg iedereen de kans om daar je hoofd op te leggen en al je zorgen achter te laten. Sommige kijken hier enorm naar uit, andere hebben er niet zoveel met dit ritueel.
Iedereen die het paasverhaal kent, weet dat er ook een opstanding plaatsvind, waardoor er op zaterdagavond een lichtjesdienst is waarbij de kerk zich vult met kaarslicht. Direct na het avondeten ging ik vol enthousiasme (want we hadden die middag al het afval op e vuilnisbelt opgeruimd) in de kerk zitten. Voordat de klokken gingen luiden zat deze al goed vol. Ik schoof wat om plaats te maken voor een Duits gezin dat een familievakantie in de buurt had maar graag deze dienst mee wilde maken. Het zoontje van 4 liet met een vinger voor zijn mond merken dat ik stil moest zijn, dus ik deed het terug. Tijdens de dienst was hij vooral druk bezig met het tekenen van regenbogen. De belofte van God, het licht, de noodzaak van regen. Ik zag het allemaal in zijn tekening en gaf het een compliment. Even later besloot hij de pagina uit te scheuren zodat ik hem mee kon nemen. Zo werd het licht op nog een andere manier gedeeld. Ik knuffelde even met het mannetje en verliet de kerk. Nog even langs de Oyak voordat ik de laatste keer de tent in dook.

Om 6 uur ’s ochtends werd gecontroleerd of ik wakker was. De spullen moesten worden ingepakt zodat we om 7:15 op het parkeerterrein stonden om de bus weer in te laden. Na het afscheid met de doorreizigers reden we met 2 pauzes terug naar Amersfoort. Daarvandaan ging iedereen naar huis, waar ikzelf het nieuws checkte en las over een aanslag in Berlijn op de pride. Toen pakte ik mijn tas uit en zag de regenboog van het Duitse jongetje weer. En toen wist ik weer wat ik een hele week had gevoeld: God is heel dichtbij.

